De DIRK JOBINGBRANDWEERSTAF
Geschiedenis
Bij de aanschaf van de eerste brandspuit in 1759 kreeg de Asser brandweer ook de beschikking over een viertal staven. Deze staven dienden als herkenningstekens voor de commandant, de Brandmeester Generaal en zijn brandmeesters.
Assen had in 1760, 57 van de ongeveer 400 inwoners min of meer aangewezen om in geval van brand dienst te doen bij het bestrijden van de brand. Deze mensen deden in die tijd dienst in hun normale burger- of werkkleding, hierdoor was er geen onderscheid te zien tussen de Brandmeesters en de gewone spuitgasten. De brandmeesters waren herkenbaar aan hun hoge hoed en de staf in de hand. Onder de staven was een grote verscheidenheid, sommige waren erg mooi en luxueus geschilderd of voorzien van een houten schildje. De staven in Assen waren echter zeer eenvoudig, een rood geverfde stok van ongeveer 160 cm met onder en boven een geel koperen knop. De brandweerstaven hebben in Assen nog tot ongeveer 1915 dienst gedaan waarna ze vervangen werden door andere onderscheidingstekenen. De oude staven kwamen hierdoor in een vergeethoekje te staan.
De heer Dirk Jobing was jaren oppasser van het brandweer materiaal in Assen. In een oud spuithuisje kwam hij een dergelijke staf tegen, welke daar nog jaren heeft gestaan. Bij het 10-jarig bestaan van de brandweerkazerne aan de Collardslaan en de ingebruikname van de nieuwe kantine op 10 oktober 1961, heeft hij deze staf netjes opgeknapt en weer aangeboden aan de toenmalige commandant van het Asser korps de heet Thomasson. Hierbij heeft hij enkele mogelijkheden voor de staf aangegeven. Een enkele maal heeft hij dienst gedaan als een soort wisseltrofee tussen de leden van het Asser korps onderling. Maar dit was maar van zeer korte duur.
Jaren heeft de staf als decoratie aan de wand in de kantine gehangen totdat hij op 1972 plotseling was verdwenen. Na een tijd kwam de mededeling dat leden van het brandweer korps Meppel de staf bij een gelegenheid hadden gekaapt. Ongemerkt hadden ze hem bij het bezoek aan de kazerne meegenomen. Dit was het beging van een lange traditie in Drenthe.
Regelement
Om alles in goede banen te leiden werd er een reglement opgesteld. In dit reglement werd alles vast gelegd wat wel of niet mocht bij het kapen van de staf. De staf kreeg hierbij de naam van de gever, dus de DIRK JOBING BRANDWEERSTAF.
In het reglement werd verder het volgende vastgelegd:
-
De staf is en blijft eigendom van de brandweer Assen
-
De staf mocht niet op of aan de voertuigen verstopt worden
-
Bij het verbergen in de brandweergarage moet hij voor 1/3 zichtbaar blijven,
maar de staf hoeft natuurlijk niet vanaf de grond zichtbaar zijn.
-
Normaal weghalen moet mogelijk zijn, dus geen sloten of kettingen. Er mag geen gebruik worden gemaakt van elektronische beveiligingsapparatuur en/of radio zenders.
-
Als een korps zich toegang tot een brandweergarage verschaft, moet men zoveel mogelijk gebruik maken van de normale toegangen. Eventuele beschadigingen moeten vermeden worden en altijd worden hersteld of vergoed.
-
Als een korps in en brandweergarage wordt betrapt is de kaping mislukt en moet men zich zonder verzet laten verwijderen. Wanneer bij een inbraakpoging de politie ingrijpt moet de commandant van het betreffende korps zijn medewerking verlenen, zodat van een strafbaar feit geen sprake zal zijn. Men moet zich te allen tijde kunnen legitimeren als een lid van een Drents brandweer korps.
-
Alleen Drentse brandweerkorpsen mogen deelnemen met uitzondering van de brandweer Emmen. Deze kazerne is namelijk permanent bezet.
-
Wanneer een korps in het bezit is gekomen van de staf is men verplicht dit via de pers kenbaar te maken en het zo spoedig telefonisch doorgeven aan de stafcommissie.
-
Gedurende 14 dagen mag de staf dan niet gekaapt worden en in die tijd moet men de staf voorzien van een plaatje, waarop de naam van het korps en de datum van de kaping staat vermeld.
|